« Terug naar de filmpagina

In het Maurits Binger Film Instituut te Amsterdam worden masterclasses gegeven op het gebied van film met als doel goede Nederlandse producties af te leveren. Het toneelstuk Total Loss van Karst Woudstra hoorde in het najaar van 1996 tot de eerste projecten. Onder begeleiding van de Amerikaanse script-doctor Martin Daniel bewerkten regisseuse Dana Nechushtan, scenarioschrijver Marco van Geffen en producente Leontine Petit het verhaal tot een kant en klaar filmscenario.

De drie werden tijdens het uitwerken van de personages door hun leermeester voortdurend met dezelfde vraag bestookt: Waarom? Helaas blijft deze vraag ook bij het uiteindelijke resultaat grotendeels onbeantwoord.

'Total Loss' begint met een visueel overdonderende auto-crash. Op oudejaarsavond rijdt een auto met volle snelheid bovenop een wegafzetting in een verder verlaten verkeerstunnel. Wie waren de drie jonge mannen die in de auto zaten? Als in de laatste seconde voor de dood flitst hun levensverhaal voorbij. Aan de hand van een ingewikkelde tijdstructuur - met flashbacks in flashbacks - komt de toeschouwer stukje bij beetje te weten wat deze jongens bij elkaar bracht op dit fatale moment. Tevens wordt met behulp van deze structuur getracht de onderlinge relaties op het psychologische vlak uit te diepen.

Duco (Roef Ragas) is een egocentrische dokter. Oudjaarsavond heeft hij gekozen om aan zijn rijke autoritaire ouders te vertellen dat hij homofiel is. Reinier (Yorick van Wageningen) is een jongen die tijdelijk ondergedoken zit bij Duco omdat hij schulden heeft bij criminelen. Samen hebben zij Jeroen (Franky Ribbens) onder hun hoede genomen, nadat ze hem na een mislukte zelfmoordpoging bewusteloos achter het ziekenhuis vonden.

De komst van Jeroen geeft aanleiding tot het onder de loep nemen van de merkwaardige, seksuele (?) verhouding tussen Duco en Reinier. Duco blijkt behoorlijk kwetsbaar en Reinier is een doorzichtige praatjesmaker. Hoe Jeroen precies in elkaar zit blijft onduidelijk. Zijn wegen zijn ondoorgrondelijk. Volgens de makers van 'Total Loss' is Jeroen iemand die 'zonder wortels is opgegroeid'. Dit komt echter nauwelijks uit de verf.

Volgens regisseuse Nechushtan slapen alle drie de hoofdpersonen en worden zij pas wakker op het moment dat het te laat is. Ze hebben te veel aandacht voor hun mannelijkheid en kunnen daardoor niet zichzelf zijn. Het zijn kwetsbare, maar tevens ontroerende karakters. Dankzij hun onderlinge contact komen ze er achter dat ze emotioneel total loss zijn.

Nechushtan bewees zich op filmgebied reeds eerder met de bekroonde eindexamenfilm 'Djinn', en recentelijk met de NPS telefilm 'Ivoren Wachters' - eveneens met Roef Ragas. Filmisch zit 'Total Loss' dan ook uitstekend in elkaar, met indrukwekkend camerawerk van Bert Pot. De stijl doet denken aan de nieuwe Duitse cinema, zoals die van Tom Tykwer's 'Winterschläfer'.

De nieuwe Nederlandse film is op de goede weg. Dat blijkt uit 'Total Loss'. Maar helaas blijven er omtrent de motivaties van de personages en hun geloofwaardigheid teveel vragen open - alle sessies op het Binger Instituut ten spijt.

Jasper van Oosten